veerleschrijft.be

Veerle Schrijft over Amerika đŸ‡ș🇾 đŸ‡źđŸ‡± inside out, cause my family is from the hood.

Menu
  • Stories
  • Over mij
  • Contact
Menu

Categorie: Heritage

Unorthodox Williamsburg

Geplaatst op 4 maart 20238 maart 2023 door Veerle

Of een reis belangrijker is dan de bestemming?

Daar kan ik me iets bij voorstellen, zeker als je de tijd neemt om van het reizen te genieten. Maar het gezelschap is minstens even belangrijk.

Het New Yorkse Williamsburg stond al sinds de eerste Lockdown op m’n bucketlist. Al klinkt een bucketlist iets te doelgericht voor iemand die stelt dat de reis belangrijker is dan de bestemming. En toch moest het Williamsburg zijn: de plek waar Unorthodox zich afspeelt, een reeks die ik wel drie keer heb gebingewatched op Netflix… om daarna ook het boek in één ruk uit te lezen. De tweede keer begon ik als een gek post-itjes te plakken. Oranje labels voor de stukken die ik het lezen waard vond -maar eigenlijk was elke letter het lezen waard. En groene post-its voor de interessante straten in Williamsburg.

The Wedding in Unorthodox
My own Feldman family, The Bronx NY, 1973

Toen ik eindelijk m’n doel had bereikt (Williamsburg), wilde ik alles opnieuw lezen, niet alleen de bladzijden met de groene labels. Het was zo fascinerend om in de wereld van Unorthodox rond te hangen en ondertussen het verhaal nog eens te verslinden. Ik ging er meerdere keren op speurtocht
 het boek dicht tegen me aangeklemd.

Ik wilde graag het pure Williamsburg beleven, samen met Deborah Feldman, heldin van het magnum opus dat ik tegen m’n hart hield. Dit is de plek waar ze leefde als kind en als rebels tienermeisje
 en daarna nog enkele jaren als volgzame orthodoxe vrouw. Haar verhaal greep me aan, bovendien is Feldman ook de naam van mijn Amerikaanse grootouders. Al waren Pop en Shirley Feldman zeker geen orthodoxe gelovigen. In hun gloriejaren waren zij nieuwbakken Amerikaanse burgers die van het moderne New York hielden, maar ook nog de joodse feestdagen in ere hielden.

Binnengluren in het zuiden

Om het ultraorthodoxe zuiden van Williamsburg te bezoeken had ik afgesproken met mijn halfbroer, Travis Feldman. Hij had toegezegd om de fotograaf van dienst te zijn
 want ik had het toch wel in mijn hoofd gehaald om hier professionele foto’s te schieten. Ik werk namelijk aan een verhalenbundel over mijn Joodse familie. En voor die reeks wil ik graag foto’s van mezelf (m’n kleurrijke zelf) in Joodse buurten, liefst verspreid over meerdere continenten.

Antwerpen, september 2021
Williamsburg, januari 2022

Travis leek me het ideale gezelschap voor een eerste verkenning van South Williamsburg. En dat niet alleen omwille van zijn fotografisch oog
 hij brengt mensen, sferen en achtergronden samen zonder dat het opvalt dat hij er moeite voor doet. Maar boven alles heeft hij de naam Feldman op z’n paspoort staan. En dat voelt aan als een wapenschild, zeker op deze plek. Alsof we dankzij onze eigen stamvader mogen binnengluren in het leven Deborah Feldman van Unorthodox. Hier zouden we makkelijk joods geĂŻnspireerde foto’s kunnen schieten. Zoiets had ik al uitgeprobeerd in de ultraorthodoxe wijk van Antwerpen. Toen liep alles op wieltjes. De Antwerpse orthodoxen vonden het best okĂ© om mee te werken als figuranten. Maar hier in Williamsburg voelden we meteen dat het een pak lastiger ging worden. Het leek wel alsof ons decor wilde wegvluchten. Weg van het vizier van onze camera. 

Williamsburg is niet voor niets de meest strikte joodse wijk ter wereld. Tot overmaat van ramp hadden Travis en ik ons uitje gepland op een zaterdag
 en ja, ik besefte maar al te goed dat een sabbat misschien tot nog meer koppigheid kon leiden in deze al zeer gesloten gemeenschap. Bij het googelen werd ik alvast met m’n joodse neus op de feiten gedrukt: de bagelzaken waar we naartoe wilden waren gesloten op zaterdagen -althans tot na zonsondergang. Maar goed, we wilden fotograferen bij daglicht en de fotograaf van dienst was alleen vrij op zaterdag.

Zo begonnen we onze sabbat-wandeling langs Lee Avenue. Deze honderd procent koosjere winkelstraat speelt een belangrijke rol in Unorthodox. En daarnaast is het ook de belangrijkste invalsweg als je komt aangelopen uit het coole noorden. Het was zonnig, maar heel mistroostig, en het vroor dat het kraakte. Zoals verwacht waren alle winkels en eettenten dicht. We slalomden over de voetpaden, tussen afval, rotzooi en kapotgescheurde vuilniszakken door. En verder liep er geen kat op straat -behalve Travis en ik. 

Een dag van rust en gebed

Troep op de stoep, dat geeft een treurig beeld, zeker in combinatie met gesloten rolluiken en hekwerk. Maar tot onze vreugde zagen we plots een groene rechthoek op het stratenplan
 een park? Daar zou misschien meer leven te bespeuren zijn. Het park bleek geen park te zijn, maar we zagen ineens wel meer volk op straat. We probeerden foto’s te maken met de couleur locale op de achtergrond, maar zagen hen wegvluchten voor onze spontane uitingen van kunstzinnige fotografie. Vandaar dat we overschakelden op iets als beleefde diplomatie. We vertelden aan iedereen die het wilde horen dat we speciaal naar hier -Williamsburg- waren gevlogen
 op zoek naar onze eigen joodse roots. (We horen er toch een beetje bij?) Travis kwam speciaal aangevlogen uit Miami en ik zelfs uit het verre Europa.

De meeste mensen reageerden vriendelijk, maar gaven aan dat hun Sjabbes echt wel een zéér heilige dag is. Op zo’n dag gingen ze niet zomaar meewerken aan een project dat plotseling uit de hemel kwam vallen. Ze gaven ons de raad om de volgende dag terug te komen. We namen hun advies ter harte en ondernamen een tweede poging op zondag -en dat is een doordeweekse werkdag in de orthodoxe wereld. Travis verplaatste zelfs z’n vlucht (terug naar Miami) om dit allemaal mogelijk te maken. 

Maar jammer genoeg leek het erop dat hun zogenaamd heilige Sjabbes een makkelijke uitvlucht was geweest. “Les excuses sont faites pour s’en servir”, zei m’n grootmoeder als ze mijn smoesjes doorprikte.  

Mensen wringen zich weleens in bochten om uitvluchten te verzinnen en dat kunnen we hen maar moeilijk kwalijk nemen. Het gaat hier om de onderdanen van een ietwat mysterieuze en gesloten gemeenschap. Ze zijn niet zo vertrouwd met bezoekers, laat staan toeristen.

Maar we vonden het wel fijn dat de winkels nu gewoon open waren. Dat gaf ons de kans om helemaal op te gaan in het dagelijkse leven van Williamsburg. Want als ik in het hippe noorden zou wonen, dan zou ik misschien echt wel naar hier afzakken om boodschappen te doen. Bij gebrek aan een ontbijt vooraf gingen we van start bij Hot Bagels. Deze laatste zaak is een aanrader voor iedereen die van New Yorkse bagels houdt. Ikzelf ging voor de authentieke combinatie van zalm en cream cheese. Het was heerlijk: om duimen en vingers af te likken
 en kosher as hell. Een zalm is nu eenmaal een vis met schubben, wat maakt dat deze soort het goed doet in koosjere keukens, over de hele wereld.

Hot Bagels, Lee Avenue, Williamsburg

Daarna liepen we van de ene supermarkt naar de andere bakery store. Overal deden we ons verhaal. Dat laatste ging spontaan, want onze camera was duidelijk zichtbaar. Bij Oneg Bakery verliep het allemaal heel openhartig. Meneer Oneg had het met ons over z’n schoonzoon uit Antwerpen en ook over zijn passie voor chocolade. Deze zoete lekkernij wordt ten zeerste gewaardeerd in de Orthodoxe wereld. Hij deed z’n betoog met een brede glimlach tussen zijn witte snor en woeste baard. 

Oneg Bakery, Lee Avenue, Williamsburg

Hij liet zijn sympathie zien door ons vol te proppen met heerlijk gebak. Er waren de verwachte smaken zoals amandelen, hazelnootchocolade en cranberry’s. En daarna kwamen er gebakjes met meringue in knalkleuren. Dit is Amerika, een continent waar taartjes en gebak er best kitscherig mogen uitzien.

Hoe meer we proefden, hoe meer we wilden kopen
 ook dat is een gevierd principe van etnisch ondernemerschap. In de namiddag werden we nog bij onze (atheïstisch-)joodse familie in New Jersey verwacht. Daar wilden we liever niet met lege handen aankomen. Eigenlijk had ik al een paar dozen met Belgische chocolaatjes voor hen klaargezet, maar er kon zeker nog wat koosjer gebak bij. Want je hoeft niet orthodox te zijn om verslaafd te raken aan chocolade.

My Jewfro

Geplaatst op 4 maart 20238 maart 2023 door Veerle

Afro’s, dreadlocks, braids
 er wordt best veel over exotisch haar geschreven. Maar de jewfro* komt zo goed als nooit aan bod. En laat dat nu net mijn haartype zijn.

*(Onderaan mijn story vind je de definitie.)

Klotehaar, vond ik het als tiener. Of kuthaar, al kan dat andere connotaties oproepen. Terwijl ik het toch gewoon over de haren op m’n hoofd heb. Dat waren weerbarstige krullen, zo stijf gekroesd dat het leek alsof ik met de verkeerde huidskleur was geboren. Van nature is mijn huid licht gebronsd, maar als vijfjarige had ik voor mezelf bedacht dat ik een beige huidskleur had. Al was okergeel een betere inschatting geweest.

Op de speelplaats werd het N-woord werd eens naar m’n hoofd, hoewel ik alleen maar een beetje beige was. Dat kon dus alleen door die klote-krullen komen. De juffen vroegen of ze er ook eens aan mochten voelen, alsof zoiets een normale vraag is. Of het okĂ© is om in iemands haren te mogen graaien?

Help, ik heb een jewfro!

En zo besefte ik al snel dat haar veel meer is dan haar. In sommige culturen is haar zo belangrijk dat ze ’t nooit mogen knippen of er verplicht geheimzinnig over doen (en dus wegstoppen). Ons haar bepaalt onze identiteit
 al wist ik niet meteen om welke identiteit het ging in mijn geval. Het was pas toen de sociale media opkwamen dat ik voor het eerst iets las over jewfro’s. En toen snapte ik ineens mijn eigen roots. Ik zat al een leven lang opgescheept met een jewfro, geĂ«rfd van m’n grootvader.

Mijn grootvader, Pop Feldman (rechts): in 1973 hoefde hij al lang niet meer naar de kapper te gaan.
Haarverlies zit in onze genen.

Langzaam maar zeker begon ik van mijn haar te houden, vooral omdat er een mooi stukje familiegeschiedenis aan vastkleeft. De geschiedenis van m’n grootouders die eind jaren 30 neerstreken in de New Yorkse Bronx, als eerste generatie van Joods-Oekraïense migranten. Rond 1900 werden ze door de Russische pogroms van hun geboortegrond verdreven. En dat was een geluk bij een ongeluk, want zo zouden ze ook ontsnappen aan het antisemitisme van de Tweede Wereldoorlog.

Toch besloot m’n grootmoeder dat het beter was om haar joodse voornaam te veranderen. Sarah, een Hebreeuwse prinses
 Het was in 1906 dat mijn overgrootouders deze naam met veel liefde bedachten voor hun eerste kind, geboren in de Nieuwe Wereld. Een identiteit die 34 jaar later werd ingeruild voor iets Amerikaans. Sarah werd Shirley. “I changed it, because I prefered Shirley”, vertrouwde ze me toe toen ze bijna honderd werd. 

Help, ik heb een jewfro!

En zo besefte ik al snel dat haar veel meer is dan haar. In sommige culturen is haar zo belangrijk dat ze ’t nooit mogen knippen of er verplicht geheimzinnig over doen (en dus wegstoppen). Ons haar bepaalt onze identiteit
 al wist ik niet meteen om welke identiteit het ging in mijn geval. Het was pas toen de sociale media opkwamen dat ik voor het eerst iets las over jewfro’s. En toen snapte ik ineens mijn eigen roots. Ik zat al een leven lang opgescheept met een jewfro, geĂ«rfd van m’n grootvader.

Langzaam maar zeker begon ik van mijn haar te houden, vooral omdat er een mooi stukje familiegeschiedenis aan vastkleeft. De geschiedenis van m’n grootouders die eind jaren 30 neerstreken in de New Yorkse Bronx, als eerste generatie van Joods-Oekraïense migranten. Rond 1900 werden ze door de Russische pogroms van hun geboortegrond verdreven. En dat was een geluk bij een ongeluk, want zo zouden ze ook ontsnappen aan het antisemitisme van de Tweede Wereldoorlog.

Toch besloot m’n grootmoeder dat het beter was om haar joodse voornaam te veranderen. Sarah, een Hebreeuwse prinses
 Het was in 1906 dat mijn overgrootouders deze naam met veel liefde bedachten voor hun eerste kind, geboren in de Nieuwe Wereld. Een identiteit die 34 jaar later werd ingeruild voor iets Amerikaans. Sarah werd Shirley. “I changed it, because I prefered Shirley”, vertrouwde ze me toe toen ze bijna honderd werd. 

The Bronx style

En m’n grootvader? Die bleef gewoon zichzelf: Pop Feldman. Ik vind het jammer dat ik hem nooit heb gekend, want m’n haar en pigment, dat heb ik van hem. Net als ik ging hij naar Afrikaanse kapsalons. In The Bronx van de jaren 40 had je ineens op elke straathoek een Afrikaanse kapper, aldus de stadslegendes en de verhalen van mijn twee tantes. 

De buurt evolueerde van joods naar black-american en dat was mooi meegenomen. De kappers zagen duidelijke gelijkenissen tussen onze haarstructuur en die van hen, al moest de benaming ‘jewfro’ nog worden uitgevonden. Uiteindelijk bleef m’n grootvader trouw aan één vaste kapper. Tenminste
 zolang hij haar had. Dat was tot z’n 29ste.

Tachtig jaar later blijft dit fascinerend. De zwarte en joodse minderheden groeiden naar mekaar toe in het New York van de jaren 40. Ze steunden mekaars strijd en hadden daarmee ook invloed op mekaars cultuur en levensstijl. Van muziek over mode tot kapsels en pretzels. Mijn eigen grootvader droeg zijn steentje bij -spontaan en zonder modieuze ambities. En zonder te beseffen dat zijn kleindochter dat ooit heel cool zou vinden.

jew + afro = jewfro

Maar het was pas in de jaren 60 dat deze baanbrekende mix van kapsels (zwart en joods) echt tot bloei kwam. En inderdaad, de afro kwam eerst. De sixties waren bepalend voor de ontwikkeling van de zwarte (tegen)cultuur in Amerika. Zwarte activisten sprongen op de barricades voor gelijke rechten, en dat deden ze met hippe kapsels. Hun zelfbewustzijn werd op een voetstuk gezet. Black is beautiful. En meer nog: black hair is beautiful. Natuurlijk kroeshaar hoorde er gewoon bij. Met een afro pick (vorkvormige kam) maakten ze daar mooie bolle kapsels van. Diana Ross werd al snel één van de grote boegbeelden van de nieuwe vibes.

LOS ANGELES – JULY 16: Singer Diana Ross poses for a portrait session on July 16, 1975 in Los Angeles. California (Photo by Harry Langdon/Getty Images)

De afro-looks pasten perfect bij de popcultuur uit die tijd. Ook blanke muzikanten hadden toen wilde kapsels. Denk maar aan The Beatles, al hadden zij sluike haren
 die naar onder groeiden, niet naar boven. 

Daarnaast had je ook artiesten met joodse roots, zoals Bob Dylan en Art Garfunkel. Met hun progressieve spirit voelden zij zich oprecht betrokken bij de zwarte zaak en die sympathie lieten ze doorleven in hun kapsel. Voor Dylan en Garfunkel was het eigenlijk poepsimpel om iets afro-achtigs met hun haar te doen. Ze hadden wilde krullen van nature en die lieten ze in alle richtingen groeien. Hun kapsels werden al snel gekopieerd door andere Amerikanen met joodse roots en een atheĂŻstische background. Zo ontstond de jewfro. 

Met mijn passie voor de jewfro vind ik het fijn om zien dat de weerbarstige kapsels terug in opmars zijn. Onze wilde haarlokken hebben de tijdsgeest mee, zeker nu we in de roaring twenties van een nieuwe eeuw zijn beland. En dat terwijl we net uit een fase komen met weinig sympathie voor wilde haren. Van pakweg 1990 tot 2017 zag je nauwelijks krullen. Ik heb er modebladen en oude Instagram-accounts op nageplozen. In mijn eigen omgeving viel het op dat jongens met roots rond de Middellandse Zee hun haar extreem kort droegen, zodat je geen krul kon zien. En dat een hele generatie lang.

Door de natuur te laten doen, krijg je een authentieke look. En inderdaad, er bestaat iets als mode
 ook in de kapsel- en beauty-wereld. Maar mijn oma gaf me de wijze raad om de mode alleen te volgen als ik er zelf mooier door kan worden.

Maar de laatste jaren zien we terug een explosie van ongetemde krullen. Er zijn voorbeelden bij de vleet, zoals regisseur Adil El Arbi. Tegenwoordig kiest hij voor een oversized kapsel, terwijl we hem met een veel strakkere snit leerden kennen in 2015. 

Een definitie … jew + afro = jewfro  

Een jewfro is een oversized kapsel bij iemand met joodse roots. Net als een afro, maar de krullen van een jewfro zitten iets losser.

Reuzeblij. Mijn column stond in het NRC.

Print-versie in het NRC Handelsblad (NL) van 4 december 2021:

Joodse godsdienst op School

Geplaatst op 4 maart 20238 maart 2023 door Veerle

Hasselt, 2 oktober 2018 – Voor mij was het een ‘bad hair-ochtend’, zoals alle andere dagen aan de schoolpoort. Om 8u28 trok mijn dochter iets te nadrukkelijk aan de mouw van mijn jeansjas. Ze wilde me meeslepen naar de mama van een klasgenoot die elk jaar een nieuwe godsdienst uitprobeert en nu voor het eerst Joodse godsdienst ging kiezen. Daar kon zij eventueel bij aansluiten, want we hebben joodse roots… Ă©n we hebben mazzel dat onze kinderen op een vooruitstrevende lagere school zitten.

Zo was onze Daltonschool in 2018 de eerste school in Vlaanderen waar Boeddhisme werd onderwezen. Het Boeddhisme was toen nog geen erkende godsdienst (zie De Standaard van 6 oktober 2018), maar door een vrijstelling aan te vragen mochten ouders zelf Boeddhistisch onderricht geven. Veerle Tokarek (mama van een leerling op onze Daltonschool) vond dat zeker het proberen waard. En zo werd ze meteen de eerste Boeddhistische juf in ons land. In september 2018 gaf ze alleen les aan haar eigen dochter Nanouk. Andere ouders reageerden laaiend enthousiast. Ze wilden hun kinderen op één of andere manier laten inhaken. En verder kennen we An en Bart. Toen hun twee zonen in de lagere school zaten, kozen ze elk jaar voor een andere godsdienst. Dat ging van Grieks-Orthodoxe en Katholieke godsdienst, over zedenleer, tot Islam en IsraĂ«litisch-Joodse godsdienst.



Uiteindelijk schreef ik voor De Standaard een column rond dit thema:

Godsdienst-hoppen op school

Het boeddhisme is nog geen erkende godsdienst (DS 6 oktober 2018), maar een ondernemende mama van een Hasseltse Daltonschool is de erkenningsprocedure te snel af geweest. Je kan een vrijstelling voor levensbeschouwing aanvragen, en dan mag je als ouder de lesuren zelf invullen voor je eigen kinderen. Zo werd Veerle Tokarek de eerste boeddhistische juf in ons land, zij het onbezoldigd. Voorlopig geeft ze alleen les aan haar eigen dochter Nanouk, maar dat gebeurt wel binnen de schoolmuren. Ook andere ouders lopen warm voor dit project. 

Veerle Tokarek: ‘Onze drie dochters hebben al jarenlang vrijstelling van levensbeschouwing. Tot vorig jaar gaven we hen als invulling boeken mee naar school over wat hen boeide. Onze oudste was gepassioneerd door een kindvriendelijke vertaling van de Koran. Maar ze vroegen ook naar het ­jodendom en het boeddhisme, de godsdienst die bij ons thuis leeft. Of over ecologische ideeĂ«n zoals het zero waste concept.’

An en Bart, twee andere ouders op dezelfde school, pakken het anders aan: zij kiezen elk jaar een andere godsdienst voor hun twee zonen. Dat ging van Grieks-orthodoxe en katholieke godsdienst over zedenleer tot islam en Israëlitisch-joodse godsdienst. Volgend jaar willen ze het rijtje graag aanvullen met boeddhisme.

An: ‘Zedenleer vonden ze de saaiste van alle levensbeschouwingen. Onze kinderen voelen zich vooral aangetrokken tot de symboliek, feesten en parabels die bij “echte” godsdiensten horen. Eigenlijk is dat logisch, en heel ­typisch voor kinderen, ze willen ervaringen opdoen, dingen voelen en doen. Zo leren ze ook veel meer bij.’

‘De joodse juf had het vorige les over het Loofhuttenfeest en over gezinnen die dan een hut bouwen in hun tuin. Onze jongste wilde al meteen zelf een hut neerplanten in de tuin en er ook in gaan slapen. Dat soort creatieve input krijg je niet in een les zedenleer. Het ­humanisme mist die eeuwenoude maar spannende gebruiken.’

‘Eigenlijk zijn er best veel ­ouders die dat wensen of ervan dromen. Maar elk jaar voor een andere godsdienst inschrijven, vinden ze een brug te ver.‘

Professor theologie Didier Pollefeyt (KU Leuven) fronst de wenkbrauwen: ‘Ik vind het creatief van An en Bart, maar het systeem is niet bedoeld om elk jaar over te stappen. Het Gemeenschapsonderwijs laat de ouders een keuze maken uit de erkende godsdiensten en levensbeschouwingen. Het hoeft in principe zelfs niet: in de les katholieke godsdienst komen sowieso alle andere levensbeschouwingen verplicht aan bod. Bovendien zijn sinds 2012 de “interlevensbeschouwelijke competenties” opgenomen in alle leerplannen. Elke leerkracht kan vanuit zijn levensbeschouwing bijdragen aan een gemeenschappelijk project, over bijvoorbeeld de opwarming van de aarde, kinderarmoede, feestdagen en rituelen. Zo leren de kinderen de visie van de andere levensbeschouwingen op die thema’s waarderen.’

An en Bart beamen. ‘Wij vinden het belangrijk dat onze kinderen de godsdiensten op een levensechte manier aangereikt krijgen. In een les zedenleer blijft dat erg theoretisch: vanop afstand kijken naar de anderen. Dat is niet zo doorleefd. Volgens ons moet je les krijgen van een “native” om een godsdienst echt te beleven. Zo zaten onze zonen in de islamles met moslimkinderen en een moslim­leraar. Toen de ramadan eraan kwam, hebben ze ook zelf geprobeerd om te vasten. Het is uiteindelijk niet gelukt, maar geen probleem, ze hebben het geprobeerd. Ze beseffen nu dat de ramadan een zware beproeving is, chapeau voor de gelovigen die het doen.’

Bart: ‘We zien dat onze kinderen spontaan en respectvol omgaan met andere gebruiken en culturen. Toen ik hielp bij de catering van hun voetbalclub, was het onze jongste die erop stond dat er ook halal hotdogs op de kaart kwamen. Voor hem is dat de normaalste zaak van de wereld.’

Godsdienst is een taal

Professor Didier Pollefeyt: ‘Hun ervaring met de islam vind ik een mooie passage. Eigenlijk is het een manier om “te gast” te zijn in een andere religie. Dat moet ook de moslimleerlingen uitdagen tot een gastvrije houding en leren omgaan met vragen en kritiek.’

‘Ikzelf vergelijk godsdienst graag met taalverwerving. Perfect tweetalig zijn, dat lukt nog. Als je een joodse moeder en een christelijke vader hebt, bijvoorbeeld. Maar tien godsdiensten uitproberen als kind, dat moet tot ver­warring leiden, tenzij je de gods­diensten niet tot je diepste ik laat doordringen en ze ziet als een ­museumcatalogus.’

‘Vrijblijvend shoppen in de rayon van de godsdiensten, dat is niet voldoende om een godsdienst van binnenuit te beleven. Christenen worden gedoopt: dat soort overgangsrituelen zijn cruciaal, maar daarnaast heb je ook “wortels” ­nodig, roots in een bepaalde gemeenschap. Dan word je makkelijker opgenomen in de grote geloofsgemeenschap.’

‘Vergelijk het met iemands taal die ook altijd met zijn identiteit verweven is. Als ik Duits praat, zal je altijd aan mij horen dat ik geen Duitser ben. Een native zal dat onmiddellijk merken. Op dezelfde manier zal een ­Vlaming die moslim wordt er ­altijd een beetje uitspringen.’

Vandercappellen en Geebelen gaan ervan uit dat het voor hun kinderen later makkelijker wordt om een keuze te maken. Zelf zien ze levens­beschouwing als een leerproces. Welke godsdienst bleef bij hun ­zonen het beste hangen? Vandercappellen: ‘De Grieks-orthodoxe godsdienst sprak hen aan door de architectuur en symboliek. In de Griekse kerken zie je veel kunst en ornamenten met massa’s bladgoud en gigantische kristallen luchters. Onze jongste heeft bij juf Metaxia een prachtige Grieks-orthodoxe kerk geknutseld.’

Ervaren experts

En dan was er het moment met mijn dochter aan de schoolpoort. In navolging van een klasgenoot wilde ze joodse godsdienst volgen, want ‘ergens hebben wij toch joodse roots?’ Ik kon haar volgen.

‘Moet dat nu echt?’, vroeg mijn echtgenoot de volgende ochtend bij de koffie. ‘Je verandert toch niet van godsdienst als van ondergoed?’ Maar het jodendom fascineert. Ik dweep met de grote joodse denkers uit de geschiedenis: Spinoza, Marx, Einstein, Freud. Zonder hen zou de wereld er toch anders uitzien? Mijn man: ‘Als het dan toch de atheïstische joden zijn naar wie je zo opkijkt, wat zoeken we dan in een les joodse godsdienst? Het zal toch geen atheïst zijn die les komt geven?’

Nee, de bevoegde dienst van het Vlaamse Gemeenschaps­onderwijs stuurde uiteindelijk geen rabbijn met kipa en grijze baard naar Hasselt. We kregen juf Hana Daskal, een vlotte dame met een open blik op de wereld en waardering voor alle wereldgodsdiensten en visies. 

Ze leren nu het Hebreeuwse alfabet bij juf Hana, maar over God mogen ze niet praten. Tenminste: ze mogen zijn naam niet uitspreken, want God wordt beschouwd als almachtig in het judaïsme. En zo leren onze kinderen alweer een nieuwe vorm van respect kennen. Voor onze dochter was het een doordenkertje: ‘Maar het is toch een godsdienstles? En toch mogen we niet over God praten. Oh my God!’



Print-versie in De Standaard van 11 oktober 2018:

Veerle Beirnaert

Recente Stories

  • Twee spijbelaars in New York
  • Unorthodox Williamsburg
  •  Op fietsvakantie in Borgerhout
  • My Jewfro
  • Joodse godsdienst op School

Categorieën

  • City Life
  • Heritage

© 2026 veerleschrijft.be | Aangedreven door Minimalist Blog WordPress thema